Scenario’s stroomlijnen de discussie

  • Frank van Alphen
  • 15 juni 2017

Pensioenbestuurders maken steeds vaker gebruik van scenario’s om hun toekomstplannen te toetsen. ‘Een pensioenfonds is niet langer alleen uitvoerder, maar ook een instelling met een eigen strategie.’


Shell maakt als sinds de jaren zeventig gebruik van scenario's bij de bepaling van het beleid. Foto Reuters

De afgelopen tijd kwamen zowel PwC als Cardano met een pleidooi voor scenariodenken voor de pensioensector. Volgens beide adviseurs kunnen scenario’s pensioenbestuurders helpen bij het bepalen van hun koers in deze onzekere tijden.

Werken met scenario’s bestaat al tientallen jaren. Shell is een bekend voorbeeld van een onderneming die dit al sinds de jaren zeventig doet. Scenario’s zijn niet zozeer voorspellingen over de economische groei, maar voorstelbare toekomstige samenhangende werelden. Wim Koeleman

Waarom moeten pensioenfondsen volgens diverse adviseurs meer gebruik maken van scenario’s? ‘Een groot verschil met een paar jaar geleden is dat pensioenfondsen een eigen verantwoordelijkheid hebben’, zegt Wim Koeleman van PwC. ‘Vroeger konden ze zich meer verschuilen achter de sociale partners. Ze waren slechts uitvoerders van de regeling die bonden en werkgevers bedachten. Tegenwoordig verwacht DNB dat fondsen net als iedere financiële instelling  zelf een visie hebben op hun toekomst. Daarbij is het voor de fondsen en hun uitvoeringsorganisaties onzeker waar het naartoe gaat met het nieuwe pensioenstelsel.’

Volgens Koeleman is een groot voordeel van scenario’s dat ze helpen bij het praten over de toekomst. ‘Zonder scenario’s zijn besprekingen over de toekomst lastig. Er komen steeds meer aspecten aan bod en de gespreksdeelnemers raken het overzicht kwijt. De een zegt iets over het stelsel en de volgende iets over de technologie.’

Om het denken iets meer in te kaderen, heeft PwC  vier scenario’s ontwikkeld. ‘Die scenario’s zijn gebouwd rond twee dominante dimensies die voor de pensioensector het meeste impact hebben voor de toekomst van het stelsel: de rente / economische groei en het maatschappelijke sentiment . Dat laatste is een as van collectief en solidair naar individueel.’

Vier scenario’s

Hieruit destilleert PwC vier scenario’s.

Scenario 1 - Opgelucht ademhalen. De rente en de economische groei stijgen. De dekkingsgraden zien er dankzij de gestegen rente weer goed uit. Hierdoor neemt het vertrouwen in het collectieve stelsel weer toe. Het hoeft niet te veranderen. Risicodeling wordt omarmd. Meer keuzevrijheid is van de baan.

Scenario 2 - Deelnemer wordt klant. Ook in dit scenario is het economische klimaat gunstig voor pensioenfonds. Dit leidt niet tot voortzetting van het huidige collectieve stelsel, maar juist tot de overgang naar een stelsel met individuele pensioenpotten.

Scenario 3 - Eenvoud troef. Omdat de rente laag blijft, lukt het pensioenfondsen niet te indexeren en moeten sommige korten. Db-regelingen worden gezien als ondoorzichtig, duur en complex. Vanwege de transparantie en de eenvoud kiest men voor een individuele pensioenvoorziening in een standaard uitvoering.

Scenario 4 - Collectief weer top. In dit scenario krijgen pensioenfondsen evenmin steun van een stijging van de rente. Omdat individuele dc-regelingen worden gezien als risicovol, blijft een collectief stelsel het devies. Er komt een verschuiving van kapitaaldekking naar omslagfinanciering. De overheid verhoogt de aow en in de tweede pijler gaat de consolidatie onverminderd verder.

Helpt bij toekomstvisie

De ervaring van Koeleman is dat deze scenario’s helpen een visie te ontwikkelen op de toekomst. ‘We weten niet welke kant het opgaat, maar een fonds of een uitvoerder kan wel stappen bedenken waarvan ze weten dat ze er geen spijt van krijgen ongeacht welk scenario we krijgen.

Volgens Koeleman is een belangrijke slotsom dat technologie een nog grotere rol gaat spelen. ‘Technologie is bepalend voor het vermogen van fondsen, uitvoerders en verzekeraars zich aan te passen in de toekomst. Zowel voor maatwerk als voor kostenverlaging is technologie de sleutel.’

Dit heeft consequenties voor zaken die op dit moment spelen. ‘Een fonds kan bijvoorbeeld besluiten dat het nodig is een bestuurder de portefeuille technologie te geven als die er nog niet was. Het heeft ook invloed op de manier waarop een fonds afspraken maakt met zijn uitvoerder. Je wil als fonds zeker weten dat de uitvoerder ook op deze wijze naar de toekomst kijkt’, aldus Koeleman. ‘Een fonds kan in de overeenkomst met de uitvoerder prikkels inbouwen om te zorgen dat de uitvoerder geld blijft steken in innovatie.’

Op 22 juni organiseert Pensioen Pro een congres dat raakt aan dit thema.

© Sat Jun 24 09:06:47 CEST 2017 Pensioen Pro. Alle rechten voorbehouden.