Fondsen aan de slag met meer openheid over transactiekosten bij beleggingsfondsen

  • Sameer van Alfen
  • 12 juni 2017

Pensioenfondsen moeten vanaf dit boekjaar een volledige doorkijk geven van hun transactiekosten bij beleggingsfondsen. Volgens bestuurders een klus die te behappen is. Maar ze vrezen dat de vergelijkbaarheid van pensioenfondsen gering is.


Foto iStock

Pensioenfondsen besteden in hun jaarverslagen nu ook al aandacht aan transactiekosten bij beleggingsfondsen. Die rapportages blijven meestal beperkt tot het vermelden van de in- en uitstapvergoedingen die beleggingsfondsen rekenen aan pensioenbeleggers. De transactiekosten binnen het fonds zelf, voor het grootste deel de aan- en verkoopkosten van financiële titels gedurende het jaar, worden nog niet vermeld.

Dat verandert vanaf dit boekjaar, want de aanbevelingen van de Pensioenfederatie schrijven voor dat pensioenfondsen een volledige doorkijk (look through) moeten geven van hun transactiekosten binnen beleggingsfondsen. Het resultaat hiervan moeten de pensioenbestuurders vermelden in hun jaarverslag over 2017. Ze zijn daarom in overleg met hun fiduciair managers en/of vermogensbeheerders om deze klus te klaren.

Fondsen voor gemene rekening

Pensioenfonds KPN is samen met zijn fiduciair manager TKPI al langer bezig om inzicht te krijgen in de transactiekosten bij beleggingsfondsen. Het gaat om fondsen voor gemene rekening voor de categorieën aandelen, vastrentende waarden en vastgoed. Fondsbeheerder TKP geeft op zijn beurt weer mandaten af aan asset managers voor het beleggen van de ‘gepoolde’ vermogens van betrokken pensioenfondsen.

‘Door deze opzet is het berekenen van de transactiekosten bij de beleggingsfondsen met aandelen en vastrentende waarden voor TPKI relatief eenvoudig’, zegt Jan-Maarten van Osch, bestuurslid van Pensioenfonds KPN en voorzitter van de beleggingscommissie. Jan Maarten van Osch

‘De transactiekosten bij de aandelenbeleggingen zijn reeds bij TPKI bekend, omdat het zelf inzicht heeft in de transacties van asset managers. De transactiekosten van fondsen met vastrentende waarden kunnen op basis van het verschil tussen de bied- en laatprijs (de spread, red.) worden geschat.’

Niet-beursgenoteerde vastgoedfondsen

Het naar boven halen van de transactiekosten bij niet-beursgenoteerde vastgoedfondsen is een stuk lastiger.  Van Osch: ‘We hebben geprobeerd om deze vorig jaar inzichtelijk te krijgen, maar dat is niet gelukt voor alle niet-beursgenoteerde vastgoedfondsen. Het probleem is dat het voor vastgoedmanagers niet gebruikelijk is om apart te rapporteren over transactiekosten.’

 ‘Als een vastgoedmanager een pand koopt, dan boekt hij de kostprijs en communiceert hij deze naar de participanten binnen het beleggingsfonds. Maar meestal splitst de manager deze kosten niet uit naar bijvoorbeeld aankoopprijs en transactiekosten. Om toch inzicht te krijgen in de transactiekosten heeft TKPI aan de vastgoedfondsen gevraagd een formulier in te vullen. Maar het resultaat was wisselend en niet bevredigend.’

Dat had niet zozeer te maken met onwil van de vastgoedmanagers, maar meer met interpretatieverschillen tussen de verschillende managers hoe de door TPKI aangeleverde lijsten moesten worden ingevuld. Van Osch: ‘Het gaat om ongeveer dertig managers met elk hun eigen rapportagesysteem. Dus het is best lastig om iedereen op één lijn te krijgen.’

TPKI heeft, na wat aanpassingen en duidelijkere richtlijnen, de vastgoedmanagers opnieuw gevraagd de gegevens aan te leveren voor het eerste halfjaar van 2017. ‘De aangeleverde informatie gaan we in de zomer analyseren, zodat we in september inzicht hebben of we nu wel op de goede weg zitten.’

Ook Pensioenfonds Ahold verwacht de tweede helft van dit jaar de eerste rapportages van zijn fondsmanagers. Uitvoerend bestuurder Eric Huizing: ‘Wij werken hiervoor nauw samen met onze fiduciair manager Axa Investment Managers’.

Tot op heden publiceert Ahold Pensioe Eric Huizing nfonds alle transactiekosten van de beleggingsmandaten en de eventuele aan- en verkoopkosten van beleggingsfondsen waarin het belegt. De transactiekosten binnen de zeven beleggingsfondsen worden nog niet vermeld.

‘Geen grote inspanning’

Huizing: ‘Toch verwacht ik weinig problemen om deze inzichtelijk te krijgen. De transactiekosten zijn beschikbaar bij onze vermogensbeheerders. Een probleem kan zijn dat fondsmanagers de informatie op een bepaalde manier moeten aanleveren, die ze niet gewend zijn. Maar ik betwijfel of het echt een grote inspanning is voor ze.’

Ahold Pensioenfonds zal in het jaarverslag over 2017 alleen rapporteren over transactiekosten van de aandelen- en obligatiefondsen waarin het belegt. Het kleine stukje private equity en niet-beursgenoteerd vastgoed in de portefeuille wordt op dit moment afgebouwd. Huizing kan zich voorstellen dat pensioenfondsen die veel in private equity- en niet-beursgenoteerde beleggingsfondsen zitten, meer moeite hebben om de volledige look through te verzorgen.

Weegt de inspanning om alle transactiekosten boven tafel te krijgen op tegen de omvang van deze kostenpost?  Bij Pensioenfonds KPN bedroegen deze in 2016 0,03% van het gemiddeld belegd vermogen. Al zegt het fonds dat dit zeker niet alle transactiekosten zijn.

Van Osch vindt dat de exercitie zin heeft. ‘Het is nuttig om inzicht te hebben in transactiekosten. Zo kun je niet alleen vergelijkingen maken tussen vermogensbeheerders. Maar ook tussen het ene en het andere jaar voor alle beleggingsfondsen. Grote afwijkingen dienen te worden toegelicht en kunnen zeker aanleiding zijn voor nader onderzoek.’ Huizing is het hiermee eens.

Zorgen om vergelijkbaarheid

Van Osch is wel bezorgd over hoe de buitenwereld om zal gaan met de rapportages van de pensioenfondsen in hun jaarverslagen. ‘Het ligt voor de hand dat de transactiekosten van de fondsen met elkaar vergeleken worden. Het gevaar is dat het pensioenfonds met de hoogste kosten er in negatieve zin uit wordt gelicht. Maar het kan best zijn dat juist dit fonds het meest zijn best heeft gedaan om de transactiekosten te specificeren, waardoor het ook de hoogste kosten laat zien.’

Hij vervolgt: ‘Als andere pensioenfondsen minder ver gaan in de look-through van alle onderliggende transactiekosten is dat natuurlijk geen goede vergelijking.’

Huizing van Pensioenfonds Ahold ziet ook een probleem in de vergelijkbaarheid. ‘Hogere transactiekosten kunnen te maken hebben met een bewuste keuze van het bestuur om een actiever beleggingsbeleid te voeren. Een actiever beleggingsfonds handelt meer op de beurs, waardoor de transactiekosten automatisch stijgen. Dit is niet per se negatief, maar gewoon een gevolg van een ander beleid.’

Huizing: ‘Een ander voorbeeld waarom pensioenfondsen een verschil laten zien in hun transactiekosten, is de mate van herbalancering gedurende het jaar. Stel dat een pensioenfonds zijn beleggingsportefeuille slechts een keer per jaar in balans brengt en aan de hand daarvan wijzigingen aanbrengt in de allocatie naar beleggingsfondsen. Dat pensioenfonds heeft lagere transactiekosten dan een pensioenfonds dat elk kwartaal aan herbalanceert.’

Pijnpunt

Eric Veldpaus, oprichter van IBI Benchmarking, ziet nog een pijnpunt qua vergelijkbaarheid. ‘Pensioenfondsen mogen bij het bepalen van de spread bij obligaties gebruikmaken van verschillende methoden. Zoals de werkelijke spread per transactie, de gemiddelde spread over het afgelopen kwartaal of een standaard spread die geldt in de markt. Hierdoor kunnen pensioenfondsen voor dezelfde transactie toch andere kosten rapporteren.’ Eric Veldpaus

Huizing stelt dan ook dat pensioenfondsen zelf ook een taak hebben om ervoor te zorgen dat derden überhaupt genoeg informatie hebben om een eerlijke vergelijking kunnen maken. ‘Als je beweert transparant te zijn over je transactiekosten, dan moet je ook uitleg geven over je aanpak en gebruikte aannames.’

Maar zelfs met een uitgebreide toelichting is het niet waarschijnlijk dat pensioenfondsen ook echt volledig zullen zijn in het vermelden van hun transactiekosten bij beleggingsfondsen, zegt Veldpaus. ‘Fondsmanagers beïnvloeden met hun orders de financiële markten. Hierdoor worden orders door brokers en market makers meestal tegen een andere prijs afgewikkeld dan de prijs die gold op het moment dat deze werd geplaatst. Ook deze marktimpact valt onder de transactiekosten.’

Pensioenfondsen hoeven dit aspect niet mee te nemen in hun rapportages. Veldpaus heeft daar wel begrip voor. ‘Market impact berekenen is niet onmogelijk, maar wel erg complex. Het geeft wel aan dat de transactiekosten van pensioenfondsen bij beleggingsfondsen echt een stuk moeilijker met elkaar te vergelijken zijn dan vermogensbeheerkosten.’

Van Osch van KPN Pensioenfonds: ‘De passages in de jaarverslagen van 2017 moeten dan ook geen sluitstuk zijn, maar het begin vormen van een discussie over de transactiekosten binnen beleggingsfondsen.’

© Sat Jun 24 09:05:32 CEST 2017 Pensioen Pro. Alle rechten voorbehouden.